Vandaag verscheen in het Belgisch Staatsblad de aankondiging van de publieke raadpleging (van 1 november tot en met 30 december 2008) over het ontwerp van beleidsplannen voor de mariene beschermde gebieden in het Belgische deel van de Noordzee. Deze raadpleging heeft enkel betrekking op het deel wat de “inspraak van het publiek betreft bij het opstellen van de plannen en
programma’s met betrekking tot de beoordeling van de gevolgen van het ontwerp voor het milieu”, zoals voorgeschreven door het Verdrag van Aarhus.
Met betrekking tot de activiteiten rond windenergie stelt het ontwerp:
“Om de Kyoto doelstellingen te halen, maar ook omwille van de verwachte schaarste van de fossiele energiebronnen (en de verwachte stijging van de fossiele energieprijzen) zit windenergie in de lift als duurzame bron van herbruikbare energie. Echter zijn er ook een aantal negatieve gevolgen van de constructie en werking van windmolenparken op zee voor de mariene biodiversiteit (Evans, 2008), ondermeer:
- Direct effect op biotoop door plaatsing van windmolens;
- Nieuwe substraat en habitat voor mariene soorten en mogelijk “stepping stone” voor niet inheemse en invasieve soorten;
- Invloed van geluid & trillingen tijdens de constructie- en exploitatieperiode op mariene zoogdieren;
- Barrière voor pleisterende en migrerende vogelsoorten.De activiteit is onderworpen aan een vergunningsplicht en de vergunning is gebonden aan een MER.
Op dit ogenblik bouwt C-Power een windmolenpark voor 60 windmolens op de Thorntonbank, 27 km van de kust en op de grens van het BNZ en het Nederlandse Continentaal Plat. Dit jaar verkreeg het energiebedrijf Belwind een vergunning voor de bouw en exploitatie van een windmolenpark op de Bligh Bank ca 45 km voor de kustlijn en op de grens van het BNZ en het Nederlandse Continentaal Plat.
Hoewel beide windmolenparken ver verwijderd zijn van de Vogelrichtlijngebieden (SBZ1, SBZ2 en SBZ3) moet toch rekening gehouden worden met een mogelijk effect op migrerende soorten.”